Los sustantivos españoles más comunes – Hogar y objetos

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Huis en voorwerpen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Un día entra una mosca por la puerta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Abro todo y cierro el paso del gas.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
Guardo el papel en una caja pequeña bajo la mesa.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
Preparo efectivo en mi bolsillo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
La pelota rueda por el suelo y a veces golpea la puerta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
En la cocina preparo café.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
Mi hogar es pequeño, pero cómodo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Siempre tengo un rollo nuevo cerca del lavabo y una botella de jabón.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
Luego guardo la pelota en una caja y cierro la puerta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
Al final todo queda seguro.