Los sustantivos españoles más comunes – Hogar y objetos

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Huis en voorwerpen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Yo compro la pintura y él trae una máquina para mezclar.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Ella viene a mi casa, abro la puerta y le doy la caja.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
Al final ponemos todo en su posición y la pared se ve nueva.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
Cada mañana abro la puerta, miro el suelo limpio y entra luz.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
Abro todo para que salga el olor.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
En la lista pongo: ropa, llave, teléfono y regalo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
Pero es mi deber limpiar hoy.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Si un día salgo con público, quiero estar listo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
Así no hay mal en mi apartamento.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
La pelota rueda por el suelo y a veces golpea la puerta.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven