Los sustantivos españoles más comunes – Lugares y viajes

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Plaatsen en reizen)

25 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 25
Naast het hotel er is een rustig gebied om te zitten __________ het leven.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 25
I get on onto the plane, I look for my seat __________ my eyes.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 25
In het midden van het plein van het dorp _____ een boom en kinderen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
's middags Ik ga naar een camping __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 25
In de bar van het hotel Ik bestel water __________ muziek zacht.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 25
_____ een menigte van gezinnen en veel kinderen zij spelen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 25
een gids ________ dat deze kerk is belangrijk voor het land en voor de wereld.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 25
Om te bezoeken __________ ik neem een vliegtuig vroeg.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 25
_______ in de club, iedereen danst, maar ik alleen kijk.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 25
Onder de brug Ik zie snel stromend water __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 25
Daarna __________ en ik loop zonder plan.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 25
Zo ik begin de dag __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 25
__________ ik hoor meeuwen en ik zie netten.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
The girl marks the paper _________ “Your flight leaves at eight o’clock”.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 25
______ een rustige plek om te denken.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
16 / 25
Ik spreek ______ de lokale taal, maar ik gebruik gebaren.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
17 / 25
Ik kies een klein land __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 25
Ik ben __________ bij de deur, omdat ik wil een rustige plek.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
19 / 25
In het hotel er is een kleine bar __________ een club met zachte muziek.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
20 / 25
In het westen van het eiland _______ een oude bus.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
21 / 25
In de eerste straat ik zie een bord: links het is het centrum, en rechts het is _________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 25
I look at the map: __________ is to the west and my hotel is to the east.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 25
Vooraan er is een raam en ik zie __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Through the window I see the north and the south __________ for the last time.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
25 / 25
Op het perron ik koop water __________ naar de trein rustig.