Los sustantivos españoles más comunes – Personas y relaciones

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Mensen en relaties)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Ella llega con una sonrisa y lo llama novio delante de sus amigos.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Una persona del público toma notas y no interrumpe.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
El líder del equipo habla con todos y no manda demasiado; solo organiza.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
La persona tiene dolor en el brazo por una caída.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
En el parque, un chico espera a su novia.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
En el hospital, el médico escucha a un paciente con atención.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
El líder del grupo cuenta a todos y el viaje empieza tranquilo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Al final encuentran la mochila y la entregan al dueño sin drama.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
El cliente acepta y se sienta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
Un agente y un oficial caminan por la zona y hacen preguntas.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven