Ropa limpia

(Schone kleren)

25 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 25
Algunas personas leen y otras esperan.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
2 / 25
_____ vapor caliente.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 25
Está sorprendida.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
_________ munten.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
5 / 25
Jij doet wasmiddel.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 25
__________ zij gaat zitten met een boek.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
7 / 25
Por eso va a __________ de autoservicio.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 25
El lavado termina con un pitido.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
9 / 25
_____ inicio.”
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
10 / 25
Zij leest de instructies op de machine: “Jij opent de deur.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
11 / 25
Todo huele __________
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
12 / 25
Alles het ruikt fris en schoon.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
13 / 25
Todo huele fresco y limpio.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
de was __________ met een piep.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 25
Ze is op vakantie en bijna al haar kleding is _____
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
16 / 25
Carla heeft nodig schone kleding.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
17 / 25
Zij is geconcentreerd op het verhaal.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
18 / 25
Mientras espera, se sienta con un libro.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
19 / 25
_________ la ropa en su bolsa y vuelve a su habitaciĂłn de hotel.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
20 / 25
Sale vapor caliente.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
21 / 25
Elige un programa.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 25
__________ de pagina’s met de hand.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 25
______ geconcentreerd op het verhaal.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
24 / 25
Carla zij kijkt omhoog en zij ziet dat zij zijn voorbijgegaan bijna 2 uur.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
25 / 25
Ella lee __________ en la máquina: “Abre la puerta.