Sofía y sus primeros churros

(Sofia en haar eerste churros)

23 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 23
Ze voelt zich __________ zenuwachtig.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 23
_______ veel mensen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 23
Er is een zachte geur en zoet ________ en suiker.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 23
__________ het bord.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 23
Ze proeft __________ met chocolade.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 23
De winkel Hij heeft veel kleuren _________ heel vrolijk.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 23
Sofia __________ in een kleine churroswinkel.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 23
De verkoper __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 23
Ze kijkt het bord met de opties: churros met suiker, churros met chocolade, __________ warme chocolade.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 23
__________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 23
_____ betaalt.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 23
__________ schitteren in het glas.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 23
________ het bord en ze voelt zich trots.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 23
_______ churros en warme chocolade, alstublieft.”
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 23
Ze telt ze: één, twee, _____ vier.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
16 / 23
_____ praat langzaam.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
17 / 23
__________ op haar gezicht.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 23
______ haar eerste chocolade met churros in Spanje.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
19 / 23
De verkoper glimlacht __________ een bord.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
20 / 23
Ze zijn __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
21 / 23
“Twee euro, alstublieft”, _________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 23
“Dank je”, _____ ze.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 23
_________ twee vingers op.