I sostantivi italiani più comuni – Casa e oggetti

(De meest voorkomende Italiaanse zelfstandige naamwoorden – Huis & voorwerpen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Abbiamo montato l’armadio, poi abbiamo controllato cassetti e mensole.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Metto gli oggetti pesanti su uno scaffale e metto le scatole leggere sopra.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
Sopra una mensola metto alcuni oggetti piccoli, e su uno scaffale metto i libri più pesanti.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
Il mio appartamento è al quinto piano di un condominio tranquillo e ordinato.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
Da sopra guardiamo il tetto e vediamo le luci della città.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
Poi prendo l’aspirapolvere, passo nel corridoio e passo anche in soggiorno.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
Infine accendo l’asciugacapelli, asciugo bene e spengo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Entro, chiudo la porta e controllo di nuovo la serratura, perché mi piace sentirmi sicuro.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
In soggiorno spengo la lampada, sistemo il divano e metto via qualche oggetto rimasto sul tavolo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
Quando serve qualcosa, cerco con calma e cerco finché lo trovo.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven