I sostantivi italiani più comuni – Persone e relazioni

(De meest voorkomende Italiaanse zelfstandige naamwoorden – Mensen & relaties)

25 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 25
La presidente del comitato culturale ascolta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 25
In ufficio l’impiegato arriva presto e lavora in silenzio.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 25
Il direttore ascolta il capo e parla con la direttrice;
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 25
Poco dopo un soldato in uniforme saluta e va verso la caserma.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 25
Loro dicono cosa non funziona.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 25
In cortile l’adulto porta il cane e l’adulta porta la bambina, e si fermano a parlare.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 25
Il giudice entra, ascolta tutti e chiede una risposta precisa.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 25
Quando escono, ringraziano il cameriere e i baristi, e salutano tutti.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 25
Nel centro civico il presidente apre la riunione.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 25
L’impiegata lavora accanto a lui, e un collega lavora al telefono con i clienti.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
11 / 25
L’infermiere aiuta il medico, prepara i materiali e aiuta anche la madre.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
12 / 25
Un impiegato porta i fascicoli e la segretaria li ordina sul tavolo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
13 / 25
Vuole soluzioni pratiche.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
14 / 25
La famiglia si riunisce la domenica.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
15 / 25
Quando suona la pausa, il collega offre un caffè e tutti parlano un minuto.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
16 / 25
La giudice legge i documenti, ascolta ancora e decide con calma.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
17 / 25
Parla con le persone del quartiere.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
18 / 25
Lo zio e la zia arrivano, salutano il cugino e la cugina, e poi parlano con l’amico e l’amica dei ragazzi.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
19 / 25
In fabbrica l’operaio controlla la linea e lavora con calma.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
20 / 25
La barista prepara un cappuccino e parla con la signora che ordina un dolce.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
21 / 25
Il segretario stampa il riepilogo, e la segretaria lo distribuisce.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
22 / 25
Un giovane del terzo piano aiuta l’anziana con le borse e le parla con gentilezza.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
23 / 25
Un lavoratore nuovo osserva e impara, mentre una lavoratrice esperta spiega e ripete le regole.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
24 / 25
Il responsabile passa, guarda le vetrine e chiede di sistemare i prezzi.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
25 / 25
Torna a casa con un compito chiaro.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven