In farmacia

(Bij de apotheek)

25 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 25
Fa un respiro profondo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 25
Prende una scatola piena di cerotti e sceglie quello giusto.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
3 / 25
Cammina fino a __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
4 / 25
“Mi fa male il dito”, _____
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 25
“Hai cerotti, per favore?”
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
6 / 25
Luca hij knikt en hij praat vriendelijk.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 25
Luca hij is ________ en hij wil betalen de pleister.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 25
Cammina fino a una farmacia tranquilla.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
9 / 25
“Het doet me pijn de vinger”, zegt hij.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
10 / 25
Luca entra __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 25
De apotheker zij zegt dat het niet nodig is __________ een snoepje.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
12 / 25
Luca annuisce e parla con gentilezza.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 25
_____ hij is heel dankbaar voor de hulp van de apotheker.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
__________ een beetje.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
15 / 25
Luca hij is dankbaar en hij wil betalen de pleister.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
16 / 25
La farmacista ______ il dito e annuisce.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
17 / 25
“Kan ik je helpen?”, zij vraagt.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
18 / 25
De apotheker zij zegt dat het niet nodig is en zij geeft hem een snoepje.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
19 / 25
Luca è molto grato per l'aiuto della farmacista.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
20 / 25
Luca hij kijkt naar zijn vinger.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
21 / 25
C’è un piccolo taglio.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
22 / 25
Luca è __________ per l'aiuto della farmacista.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
23 / 25
Luca ______ il suo dito.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
“Heb je pleisters, __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
25 / 25
_____ een kleine snee.