Un barbecue in Sardegna

(Een barbecue op Sardinië)

25 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 25
Hij controleert ________ op de pakjes.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 25
Hij loopt langzaam en hij kijkt _____
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 25
De zee het is blauw en _____
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
_________ aan brood en aan kaas.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 25
Hij leest __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 25
Zij willen ______ een kleine barbecue dicht bij het strand.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 25
________ zij hebben honger.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 25
__________ een grote fles water.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 25
De zak hij is ______
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 25
_________ tot het dorp.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 25
Hij neemt ook een pak ________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 25
David hij is op vakantie __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 25
Hij zegt __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
_____ hij vindt het vlees.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 25
Hij neemt een klein stuk _________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
16 / 25
Hij kiest __________ voor de lunch.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
17 / 25
De gangen zij zijn __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 25
Tot slot _________ een lokaal bier voor hem.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
19 / 25
Zij glimlacht en zij zegt __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
20 / 25
______ een middag met zon op Sardinië.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
21 / 25
Nu hij is ______
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 25
________ “Goedemorgen! Vakantie?”.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 25
_____ hij wil proberen te spreken Italiaans.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Hij ziet __________ in de koelkast van de winkel.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
25 / 25
Hij weet dat zijn kinderen zij houden van __________