Un barbecue in Sardegna

(Een barbecue op Sardinië)

25 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 25
Alla fine compra una birra locale per lui.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
2 / 25
Hij zegt “Goedemorgen!” met een verlegen stem.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
3 / 25
Sorride e pensa __________
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 25
È un pomeriggio di sole in Sardegna.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 25
Pensa al pane e al formaggio.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
6 / 25
Hij kiest kleine pakjes voor de lunch.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 25
Va al supermercato ed entra.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
8 / 25
Hij gaat naar de supermarkt en hij gaat naar binnen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
9 / 25
_____ due baguette.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
10 / 25
Hij glimlacht en hij denkt aan de grill.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
11 / 25
Lei sorride e dice “Che bello!”
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
12 / 25
Hij tilt de zak voorzichtig.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
13 / 25
Pensa _______ e al formaggio.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
Hij glimlacht __________ aan de grill.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
15 / 25
______ un piccolo pezzo di pecorino.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
16 / 25
Prima trova la carne.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
17 / 25
_________ ook een pak tomaten.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 25
Tot slot _________ een lokaal bier voor hem.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
19 / 25
Il mare è _____ e calmo.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
20 / 25
Lui dice __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
21 / 25
Hij gaat __________ dichtbij.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
22 / 25
Guida verso la famiglia.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
23 / 25
In de winkel is er rustige muziek.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Hij zegt “Goedemorgen!” __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
25 / 25
__________ en zij zegt “Wat leuk!”