Viaggio al Colosseo

(Reis naar het Colosseum)

25 kaarten over
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
1 / 25
Marie zij loopt naar de metro.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
2 / 25
________ perfettamente.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
3 / 25
È sempre affollato __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
________ een Italiaanse vrouw op straat.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 25
Ah, il Colosseo! È facile! dice la signora.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
6 / 25
“Scendi a Colosseo,” continua __________
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 25
Prendi la metro linea B.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
8 / 25
__________
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
9 / 25
Het is altijd druk op dit uur.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 25
“È molto gentile.”
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
11 / 25
“Maar let op,” zij zegt de mevrouw.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
12 / 25
Non conosco bene Roma.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
13 / 25
Zij ziet een Italiaanse vrouw op straat.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
__________
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
15 / 25
Ora sono le due.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
16 / 25
_____ sorride.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
17 / 25
Sì? Buongiorno! risponde la signora __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 25
_________ de metro lijn B.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
19 / 25
“Grazie mille, signora!” dice Marie.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
20 / 25
Marie cammina verso la metro.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
21 / 25
Waar is het?
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 25
__________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 25
Ah, het Colosseum! Het is makkelijk! Zij zegt ________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Het station is daar, _______
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
25 / 25
Marie Zij is een Nederlandse toeriste in Rome.