Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 15
Hij gaat terug eerst naar de supermarkt: het is __________ en hij herinnert zich goed de kassa.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 15
de medewerker zij knikt, zij typt iets en zij verdwijnt __________ de gevonden voorwerpen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 15
__________ er is geen spoor.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 15
_____ hij knikt, voelend de borst strakker worden.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 15
Terwijl hij rijdt, de portemonnee het stoort hem en hij besluit __________ zijn broek...
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 15
_________ heb ik het laten liggen in de sportschool, denkt hij bij zichzelf.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 15
“Welke kassa _______ gebruikt?” hij antwoordt de medewerker.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 15
Als Nico __________ in de auto, hij gaat zitten op de bestuurdersstoel zonder te starten de motor en hij probeert te begrijpen waar het kan gebleven zijn de portemonnee.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 15
hij kijkt __________ en de middenconsole.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 15
__________ dichtbij bij de zelfscankassa’s.”
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 15
In de supermarkt __________ dat hij het heeft eruit gehaald om te betalen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 15
Nico hij leunt tegen de rugleuning __________ de portemonnee met beide handen, terwijl hij laat dat de angst zij verlaat hem.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 15
“Geen portemonnee _________ bij kassa zes.”
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 15
Misschien __________ laten liggen per ongeluk in een van de kluisjes.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 15
Nico hij herinnert zich een klein ding en vervelend: op de parkeerplaats van de supermarkt hij is gaan zitten in de auto even, hij had het veel te _____ hij is uitgetrokken de jas en hij heeft aangepast de jeans omdat de portemonnee in de achterzak het stoorde hem terwijl hij reed.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven