Los sustantivos españoles más comunes – Lugares y viajes

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Plaatsen en reizen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
El vuelo es corto y miro las nubes.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Ese momento es parte de mi viaje y me siento bien en la ciudad, de verdad.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
No tengo prisa.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
En la primera calle veo una señal: a la izquierda está el centro, y a la derecha está el puerto.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
Así llego con tiempo y sin estrés.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
En el frente de la iglesia hay una puerta grande y una plaza pequeña.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
En la ventana veo el norte y el sur de la isla por última vez.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Entro con respeto, miro el interior y hablo en voz baja.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
En el sur la playa es tranquila, y en el norte hay más ruido.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
Un amigo va a mi lado, lee el mapa y me dice: “sigue recto”.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven