I sostantivi italiani più comuni – Casa e oggetti

(De meest voorkomende Italiaanse zelfstandige naamwoorden – Huis & voorwerpen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Se non lo trovo, ricontrollo l’armadio e poi ricontrollo lo scaffale.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Dalla porta finestra vedo il balcone, e sul balcone metto qualche pianta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
Il sabato faccio le pulizie e faccio tutto con una lista.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
Entro nella doccia, regolo il rubinetto e mi lavo con calma.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
Alla fine la casa funziona meglio, perché ogni cosa ha il suo posto.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
Metto ogni oggetto sul tavolo, lo controllo e poi lo metto al suo posto.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
A volte scendo nel seminterrato, apro la porta e accendo la luce.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Quando ho più tempo, riempio la vasca da bagno e mi rilasso qualche minuto.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
In bagno lascio asciugamano e sapone al loro posto e controllo che il WC sia pulito.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
Quando entro nella nuova casa, apro le scatole e guardo ogni stanza con calma.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven